BO & antibiogram

In het kader van het verminderen van het gebruik van antibiotica, is het opstellen van een bedrijfsspecifiek behandelplan verplicht. Om in gevallen van klinische en subklinische uierontsteking een zo goed mogelijk werkende therapie in te zetten, is het verstandig om melk in te sturen voor bacteriologisch onderzoek en gevoeligheidsbepaling (antibiogram). Bovendien moeten we sinds 2013 het inzetten van tweede en derde keus injectoren kunnen beargumenteren met laboratoriumuitslagen. En gezien alle in Nederland te verkrijgen uierinjectoren tweede of derde keus zijn…..

Voor het op de juiste manier nemen van steriele melkmonsters hebben we voor elke veehouder een mooie afsluitbare bak waar alle benodigdheden inzitten.

Voor de acute klinische uierontsteking hebben we een tegenwoordig een uitstekende sneltest op de praktijk waarbij je de volgende dag zekerheid hebt of het een Coli-uierontsteking is of niet met een antibiogram, zodat je indien nodig gelijk de therapie bij kunt sturen.

Voor de hoog-celgetalkoeien en de milde uierontsteking wilt u graag weten welke kiemen op je bedrijf spelen. Voor de individuele dieren is het van belang te weten of behandelen zinvol is en waarmee en hoelang behandeld moet worden. Spelen staphylococcen een rol? Zijn het met name omgevingsbacteriën of moet de oorzaak gezocht worden in en rond de melkput/-robot? Hiervoor kunnen melkmonsters genomen worden voorafgaand aan het behandelen of van hoogcelgetalkoeien. Deze kunnen in eerste instantie in de vriezer bewaard worden. Als u ong. 5 monsters hebt brengt u ze naar de praktijk, u krijgt dan per mail de uitslag met de gevoeligheidsbepaling en de merknamen van de injectoren die gebruikt kunnen worden.

U kunt ook kijken naar het filmpje ‘steriele melkmonsters nemen voor BO’ op www.landbouwfilmpjes.nl.